Onderdeel van Pixfactory

Op werkdagen voor 15.00 besteld, morgen in huis

Petra de Pestvogel vertelt

Download GRATIS het ebook '14 tips om meer te genieten van vogels' en ontvang onze 2 wekelijkse nieuwsbrief met de meest recente artikelen op vogelskijken.nl

 
Pestvogel met besje
Fotograaf: Kees van der Klauw

Even over die vogelnamen…

Sorry dat ik zo mokkend begin, maar wat is dat toch met Nederlandse vogelnamen?! Zijn ze niet hoogst ontoepasselijk, dan zijn ze wel verwarrend of, zoals in ons geval, ronduit beledigend! Te pas en te onpas gebruiken jullie het bijvoeglijk naamwoord “grauw” voor de meest prachtige vogels, plakken soortnamen als “mus” of “zwaluw” op vogels die daar niet eens familie van zijn en durven jullie óns te vernoemen naar ziekte en onheil, iets waar we in de verste verten niets mee te maken hebben en natuurlijk helemaal niet mee geassocieerd willen worden. Het wordt tijd voor een taalkundige bezem, lijkt me zo!

Afijn, ik vergeef het jullie, want ik weet namelijk ook dat er maar weinig landen zijn waar, ondanks onze naam, zo smachtend op onze komst gewacht wordt en waar onze aanwezigheid zo veel opwinding veroorzaakt als bij jullie. Laat ik me even voorstellen: ik ben Petra de Pestvogel. Op dit moment bevind ik me, met in totaal 36 vrienden en kennissen, in een woonwijk in het Zuid-Zweedse Lund. Ik ben twee jaar oud en vertel graag hoe ik hier terecht ben gekomen.

Mijn geboortegrond

Ik weet dat jullie ons onlosmakelijk verbinden met bessen en fruit, maar wij voelen ons toch echt het meest thuis in uitgestrekte naaldbossen. Daar ben ik dan ook geboren, in de zomer van 2021 in het noorden van Finland, om precies te zijn in het natuurgebied genaamd Lemmenjoki. In de eerste maanden van mijn leven heb ik geen actieve herinneringen aan mensen. In mijn directe omgeving woonden een paartje taigagaaien, een drieteenspecht en een paar sperweruilen, het was een paradijselijke en rustige plek. Dat wil zeggen, als je het constante gevaar van de lokale sperwers even wegdenkt. Dat valt mij nog niet mee. Twee van mijn broers zijn, kort nadat ze konden vliegen, aan hen ten prooi gevallen terwijl ik twee topjes verderop vanuit een spar alles zag gebeuren. Dat was een ervaring die je niet in de koude kleren gaat zitten…

Pestvogel op tak met korstmos
Portret van Petra de Pestvogel. Fotograaf: Gejo Wassink

Desalniettemin herinner ik me mijn eerste zomer vooral als zorgeloos en overdadig qua voedsel. En dat voedsel bestond daar vooral uit… muggen! Het was in het begin even oefenen. Maar door de kunst zo goed mogelijk af te kijken van mijn ouders, ontwikkelde ik me tot een ware expert in het uit de lucht vangen van insecten. En als je in Noord-Scandinavië eenmaal weet hoe je muggen moet vangen, hoef je in de zomer nooit meer honger te lijden. Dat snapt iedereen die er wel eens is geweest.

Mijn eerste kennismaking met bessen

De zorgeloosheid duurde tot ongeveer eind september. Geleidelijk aan merkte ik dat je harder moest werken voor een volle maag en waren de insecten steeds minder alom vertegenwoordigd. Dat bezorgde me een gevoel van rusteloosheid dat ik nog niet eerder had gevoeld. Uiteindelijk besloot ik, samen met zeven anderen, mijn vertrouwde bos te verlaten om op zoek te gaan naar een plek waar we de vanzelfsprekendheid wat betreft voedsel terug zouden kunnen vinden. Al snel bleek dat we dat niet meer moesten zoeken in insecten. Die leken met de dag in aantal en dichtheid af te nemen. Maar wat we al wel snel vonden waren… bessen! Eerlijk is eerlijk: ik vind ze wat minder lekker en ze zijn ook wat minder voedzaam, maar ach: als je er eenmaal aan gewend bent, zijn ze best te pruimen en bovendien makkelijk te pakken. Tijdens de eerste langere stop aten we een jeneverbesstruik leeg en daarna kwamen we, ergens vlak bij de zee en net ten zuiden van Stockholm, terecht in een gebied met heel veel lijsterbessen en meidoorns. We konden ons hier vrij makkelijk in leven houden totdat opeens dat vreemde, rusteloze gevoel weer opspeelde. 

Een eigen gezin

De dagen begonnen inmiddels weer wat langer te worden. De eerste insecten dansten weer in het steeds warmer wordende zonlicht waardoor we ons noodgedwongen vegetariërschap achter ons konden laten. Toen de goddelijke smaak van insecten me weer opkikkerde en sterker maakte, voelde de uiteindelijk niet meer te onderdrukken drang en kracht om in drie dagen terug te vliegen naar “ons” bos. Daar aangekomen bleek een onbekend stelletje de boom te hebben ingenomen waarin ik was opgegroeid. Maar uiteindelijk kon ik een andere prachtboom betrekken met een mooie en sterke vriend, die ik nabij Stockholm had ontmoet. De toekomst zag er zonnig uit. En zonnig werd het, en warm ook, waardoor we lang van ons favoriete maal, muggen, konden genieten. Toen het onvermijdelijke moment aanbrak dat de insecten schaars werden, wist ik wat me te doen stond: weer naar het zuiden! Maar eenmaal onderweg bleek het ene jaar het andere niet te zijn. Zo weelderig vol met bessen als de bomen en struiken ons vorig jaar opwachtten, zo schamel was het nu. Er restte ons weinig anders dan steeds verder zuidwaarts door te vliegen. 

Groep Pestvogels
Petra met haar vrienden en kennissen ergens in Lund. Fotograaf: Annie Keizer

Ver van huis en in dubio

Nog nooit ben ik zo ver van huis geweest. Lund, waar ik dus nu ben, ligt helemaal onderin Zweden en op een steenworpafstand van Denemarken. Op dit moment redden we ons nog met de bessen die in het wijkje voorhanden zijn, maar de voorraad slinkt met de dag. Daarnaast is het ook flink koud aan het worden en komen er steeds meer vogels uit het noorden bij die ook een graantje proberen mee te pikken. Ik vrees dus dat we binnenkort nog verder zuidwestwaarts moeten. Ik weet dat jullie in Nederland al lang weten dat we onderweg zijn. Stiekem hopen jullie zelfs dat wij door honger noodgedwongen verder moeten zodat we jullie winter kunnen komen opvrolijken. Aan de ene kant kan ik daar best boos om worden, want het is een egoïstische gedachte. Anderzijds: vliegen kost ons niet veel moeite en als er bij jullie een luilekkerland op ons wacht, pakt het voor ons ook goed uit. 

Misschien ontstaat er de komende weken dus een win-win situatie: wij eten onze buikjes, en jullie schieten je geheugenkaartjes vol. Maar misschien ook niet en blijkt er hier toch net genoeg voedsel voor handen om ons die vermoeiende etappe uit te sparen. In dat laatste geval doen we onze Nederlandse naam eer aan, maar dan in een heel andere betekenis! 

7 reacties

  1. Wat een leuke introductie van Petra! Talent voor verhalen schrijven heeft ze wel 🙂
    Mocht Petra nog wat energie overhebben, in Zuid-Limburg is zij en haar vrienden en kennissen ook van harte welkom.

  2. Wat geweldig leuk verteld zo leef je mee met deze prachtige vogel,die ik hier ook al een paar maal heb kunnen fotograferen.

  3. Heel leuk en origineel geschreven!
    Ik hoop ze inderdaad weer eens te zien. Het is nu voor mij wel lang genoeg geleden, vind ik.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Geef een reactie

7 reacties

  1. Wat een leuke introductie van Petra! Talent voor verhalen schrijven heeft ze wel 🙂
    Mocht Petra nog wat energie overhebben, in Zuid-Limburg is zij en haar vrienden en kennissen ook van harte welkom.

  2. Wat geweldig leuk verteld zo leef je mee met deze prachtige vogel,die ik hier ook al een paar maal heb kunnen fotograferen.

  3. Heel leuk en origineel geschreven!
    Ik hoop ze inderdaad weer eens te zien. Het is nu voor mij wel lang genoeg geleden, vind ik.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze artikelen vind je vast ook interessant: