Herkenning
95-100 cm. Lijkt in alles op ooievaar, maar verenkleed glanzend zwart, behalve witte borst, buik en onderstaart. Snavel en poten rood. Schuw en meestal solitair. Juvenielen bruiner op kop en nek, bovendelen nauwelijks glanzend; poten en snavel grijs-groen.
Levenswijze
Voedsel
Voornamelijk vis, maar ook reptielen en amfibieën, kleine zoogdieren, kreeftachtigen en grote insecten. Foerageert wadend in water, op natte velden en in moerassen.
Eieren
Aantal eieren in legsel 3-5, meestal 4. Rondachtig, soms meer ovaal. Glad. Wit, inhoud schijnt in verse toestand groen door. Formaat 65,4 x 48,7 mm.