Afkomstig uit Groenland, waar de soort broedt, is de kleine burgemeester een vrij zeldzame gast in Nederland met de meeste waarnemingen uit het winterhalfjaar. Hoewel de soort vanaf de jaren zeventig vrijwel jaarlijks wordt gezien, zijn aantallen van vijf per jaar toch al gauw uitschieters te noemen.
Herkenning
51-60 cm. Moeilijk te onderscheiden van grote burgemeester, maar adult in veld herkenbaar door rode oogring, kleinere slankere snavel, kleiner formaat en langere vleugels, die in zit buiten staart uitsteken. Adult in broedkleed wit, behalve bleek blauwgrijze rug en vleugels; vleugelpunten wit. Snavel geel met rode vlek op gonys, poten vleeskleurig-grijs. Adult buiten broedtijd gelijk, maar kop, keel, nek, mantel en borst bleek grijsbruin gestreept. Juveniel licht crème, geheel bleek bruinig gestreept; snavel donker bruingrijs zonder scherp afgescheiden zwarte punt (juveniele grote burgemeester heeft duidelijke zwarte snavelpunt). Sterk gebleekte juveniele zilvermeeuw lijkt soms op kleine burgemeester, maar heeft altijd donkere eindband aan staart en donkere handpennen. Minder in groepen dan grote burgemeester; vlucht lichter en sierlijker.
Levenswijze
Voedsel
Voornamelijk vis, gevangen door oppervlakte duiken. Ook aas, ongewervelde dieren en eieren en jongen van andere vogels.
Eieren
Aantal eieren in legsel 2-3. Ovaal tot subelliptisch. Bleek grijsachtig-bruin. Gevlekt en beklad met donkerbruin. Formaat 68,3 x 48,7 mm.