Herkenning
40-51 cm, spanwijdte 94-109 cm. Middelgrote zwartbruine pijlstormvogel met sigaarvormig lichaam en smalle vleugels. Egaal gekleurd, maar ondervleugeldekveren zilvergrijs. Relatief kleine kop, lange dunne zwarte snavel. Kan bij ongunstige omstandigheden verward worden met vale pijlstormvogel, maar grauwe is veel groter met langere smalle vleugels.
Verspreiding
Broedt op Nieuw-Zeeland en verschillende eilanden hier omheen, Zuidoost-Australië, op de Falklandeilanden en in de zee bij Zuid-Chili. Overwintert op bijna alle oceanen, behalve de noordelijke Indische Oceaan en de Noordelijke IJszee. In Nederland doortrekker in zeer klein aantal.
Levenswijze
Voedsel
Vissen, koppotigen en kreeftachtigen.
Eieren
Aantal eieren in legsel 1. Wit. Formaat 77,4 x 48,3 mm, gewicht 95 g.