Op werkdagen voor 15.00 besteld, morgen in huis
Download GRATIS het ebook '14 tips om meer te genieten van vogels' en ontvang onze 2 wekelijkse nieuwsbrief met de meest recente artikelen op vogelskijken.nl
De kanoeten die wij hier tijdens de trek of in de winter zien, hebben al flink wat kilometers achter de rug en een aantal zal ook nog eens flink verder vliegen. Vogels die uit Groenland of Noordoost-Canada komen blijven in Europa, de Siberische exemplaren vliegen door naar Afrika. In Nederland is het Waddengebied voor de kanoet de place to be, gevolgd door het Deltagebied waar hij vooral overwintert. Wie ooit wolken kanoeten boven het wad heeft gezien, de ene keer de donkere bovendelen tonend, dan plots weer de blinkend witte onderkant, zal dat schouwspel nooit meer vergeten.


Kanoeten of kanoetstrandlopers overwinteren in Nederland en dat doen ze grotendeels in het waddengebied en in de Delta. Aan het eind van de zomer en in het vroege najaar zien we de eerste kanoeten arriveren. Als het wat verder in het najaar is zien we ze meestal in grote groepen bij elkaar vliegen en foerageren. In de broedgebieden is dat geheel anders en zijn ze vooral territoriaal en monogaam. Je ziet kanoeten dan niet meer in grote groepen en dan ziet de kanoet er ook nog eens heel anders uit. Vanaf het voorjaar zijn ze in hun oranjerode verenkleed op de toendra goed gecamoufleerd. Als de vogels hier in het najaar arriveren zijn sommige vogels nog deels in dat oranjerode verenkleed gehuld maar dat is van korte duur en ruien ze naar het grijswitte winterkleed. Qua uiterlijk en gedrag zijn kanoeten afhankelijk van de tijd van het jaar twee heel verschillende vogels.

Kanoeten zijn vrij grote strandlopers die ongeveer zo groot zijn als een tureluur. Ze hebben een relatief korte en rechte zwarte snavel, Ook de mosterdgroene poten zijn vrij kort waardoor de vogel wat plomp overkomt. De bovendelen, schouders en vleugels zijn meer uniform grijs gekleurd. Op de lichtgekleurde flanken zijn variabele pijlvormige markeringen te zien. Deze markeringen kunnen ook in banen lopen waardoor het min of meer op strepen lijken. De stuit is enigszins lichter grijs gekleurd zonder opvallende tekening. In de vlucht vallen de lange smalle vleugels op en is geen pootprojectie te zien (de poten steken in vlucht niet voorbij de staart).

Naar het voorjaar toe maakt de grijswitte kanoet een transformatie door naar een opvallend oranjerood zomerkleed. Het broedkleed is in het broedgebied juist onopvallend en is de vogel op de toendra goed gecamoufleerd. De schouderveren hebben in het zomerkleed een dubbel ankerpatroon en een kaneelkleurige grondkleur. De kop, hals en borst kunnen in de zomer zelfs baksteenrood kleuren. Zowel het mannetje als het vrouwtje zien er in de zomer en winter hetzelfde uit.


De juveniele kanoet heeft geen uniform grijs bovendek zoals adulte vogels dat hebben maar heeft juist veren met op de toppen duidelijk zwarte en witte randen. De lange handpenprojectie en vleugeltop steken bij een juveniele vogel voorbij de staarttop. Op de kop is een duidelijke wenkbrauwstreep zichtbaar die bij adulte vogels ontbreekt. In de vlucht is bij de juveniele kanoet een lange duidelijke lichte vleugelstreep zichtbaar die tot op de handdekveren doorloopt.

Kanoeten zijn vooral voorovergebogen met de snavel diep in het zand en de modder te zien. Langzaam struinen ze zo het wad af naar voedsel zoals schelpdieren, wormen en kreeftachtigen. Kanoeten zijn in staat om schelpen in de maag te vermalen en te verteren. Kanoeten zijn hier in het winterhalfjaar vaak in grote groepen te zien en maken ook synchrone vluchtmanoeuvres die lijken op de spreeuwenwolken.

De zilverplevier is net als de kanoet een steltloper die je met name aan de kust tegenkomt. Zilverplevieren foerageren ook op slikplaten, kwelders en het Wad en eten daar kreeftachtigen, slakjes en wormen. Wat dat betreft zijn er veel overeenkomsten en in de winter is de zilverplevier ook overwegend grijs-grijswit. De zwarte snavel is wel iets korter dan de snavel van de kanoet. De poten zijn geelgroen en het bovendek is ook wat donkerder gekleurd waarbij de veerranden lichtgekleurd zijn en is de handpenprojectie ook lang te noemen, zo zijn veel kenmerken vergelijkbaar met het winterkleed van de kanoet. Toch verschillen de twee vogels genoeg in gedrag en silhouet om niet met elkaar verward te worden zoals de zwarte okselvlek die goed zichtbaar is als de zilverplevier opvliegt.
Geef een reactie