Op werkdagen voor 15.00 besteld, morgen in huis
Als er een Zanglijster bij je in de buurt zit, prijs jezelf dan gelukkig! De zang is een feest om mee wakker te worden. En daarbij komt nog dat de vogel enorme hoeveelheden huisjesslakken eet. En dat is heel gunstig voor de planten in je tuin.

23 cm. Kleiner dan merel, veel kleiner dan grote lijster. Bovendelen grijsbruin, borst goudgeel met veel ronde zwarte vlekken, die tot op flanken doorlopen; buik wit. Heeft geen wenkbrauwstreep als koperwiek. Staart korter dan van merel en rechter afgesneden, zonder de witte punten aan buitenste pennen van grote lijster. Ondervleugel geel, niet oranje zoals bij koperwiek. Juveniel lijkt op adult, maar bovendelen met lichte streepjes en vlekjes. Zingt meestal in hooggelegen zangpost, zoals boomtop. Vlucht iets golvend. Schuwer dan merel, ook broedvogels van steden.
Broedvogel in Scandinavië, Centraal- en Oost-Europa en een groot deel van Rusland en de Kaukasus. Standvogel in westelijk en zuidelijk Europa en gebieden rondom de Zwarte en Kaspische Zee. Wintergast in het Middellandse Zeegebied en delen van Zuidwest-Azië. In Nederland een zeer talrijke broedvogel, wegtrekkend en doortrekker en wintergast in groot aantal.
Foerageert in grasvelden, struikgewas, op open plekken in het bos en op paden. Nestelt in dicht struikgewas of in bomen: hoe onopvallender hoe beter. Prefereert dichte vochtige bossen, zoals rabattenbossen en elzenhakhoutpercelen.
Voedsel
Hoofdzakelijk ongewervelden, eet in herfst en winter ook vruchten. Foerageert voornamelijk op de grond, soms in open gebieden, maar meestal onder of zeer nabij dekking. Staat bekend vanwege gewoonte huisjesslakken te vangen en deze kapot te smijten op steeds dezelfde steen.
Eieren
Aantal eieren in legsel meestal 4-6, soms 3-9. Buikig. Glad en enigszins glanzend. Helder lichtblauw. Schaars bezet met zwarte of donker purperachtig-bruine en zelden licht purperen of bruine spikkels en een paar kleine onregelmatige vlekjes. De tekens vertonen soms vage roodachtige randen. Soms effen. Zeer zelden bruin en wit. Formaat 27,4 x 20,8 mm.
Roep lijkt op die van koperwiek, maar eindigt abrupt: 'tsiek'. Zang luid met voortdurend herhaalde strofen.


Zanglijsters komen in heel Nederland voor en zijn ook het hele jaar te zien. In de winter trekken veel zanglijsters weg maar noordelijke zanglijsters komen juist weer naar hier om te overwinteren. De laatste jaren nemen de aantallen weer licht toe alhoewel de aantallen zanglijsters op de hoge zandgronden juist afnemen. Mogelijk door kalkgebrek wat het leven voor de slakken, een belangrijke voedselbron voor lijsters, moeilijker maakt. Het voedselaanbod neemt daar dus af. In het najaar en vroege winter schakelen lijsters over op het eten van vruchten en bessen. Een zanglijster is kleiner dan een merel, staat hoger op zijn poten en heeft een licht gekleurde borst. Zanglijsters zingen graag vanaf een hoge zangpost waardoor het geluid van hun lied ver draagt. Het lied bestaat uit het drie tot vijf keer herhalen van een heldere strofe.

Een zanglijster is bovenop grijsachtig tot bruin gekleurd met aan zowel de grote als middelste dekveren lichte toppen. Deze lichte toppen vormen daarmee twee vleugelstrepen. De kruin is vanaf de snavelbasis tot achterop de kop vrij donker gekleurd. De ondersnavel is geel gekleurd. Vanaf de keel naar de borst en buik zijn op de lichte ondergrond driehoekige of hartvormige vlekjes te zien die gelijkmatig verdeeld zijn. De flanken zijn bruinachtig waarop de vlekjes nog enigszins vervaagd te zien zijn. Beide geslachten zijn even groot en zien er hetzelfde uit.

Zanglijsters eten graag slakken, regenwormen, insecten en duizendpoten. Op een vaste plek wordt een steen, een smidse genoemd, gebruikt om de slakkenhuisjes open te breken. Vanaf januari zijn de eerste zanglijsters al te horen. Ze zingen vanaf een zangpost en dat kan een hoge plek binnen de bebouwing zijn maar ook vanaf de top van een boom in de natuur.

De zanglijster lijkt vooral op de grote lijster. De naam van deze vogel zegt het, de grote lijster is ongeveer 25% groter van formaat. De tekening van de vogel is vergelijkbaar met die verschillen dat de vlekjes op de keel, borst en buik meer rond of ovaal getekend zijn en ook wat breder zijn dan de driehoekjes of hartjes bij de zanglijster en lopen veel verder door tot op de onderstaartdekveren. De grote lijster is verder wat grijzer, meer olijfgroen en minder bruin gekleurd en heeft gele poten. Wat ook erg opvalt is de handpenprojectie die veel verder doorloopt dan bij de zanglijster.