Onderdeel van Pixfactory

Op werkdagen voor 15.00 besteld, morgen in huis

Roodborst

Erithacus rubecula

In ruil voor wormen, slakjes, spinnetjes en aangeboden wintervoer zingt de Roodborst de longen uit zijn mooie lijf. Er zijn maar weinig vogels die in de winter zingen. De meeste vogelsoorten hebben in de winter wel wat anders aan hun hoofd. Die zitten dan gebroederlijk naast elkaar te eten. Soms zelfs in grote groepen, terwijl ze in de zomer paarsgewijs optrekken. De Roodborst niet! Die heeft een winterterritorium, en dat verdedigt hij fanatiek. Niks samen, alléén! Wanneer de dagen weer lengen, vertrekt het noordelijke Roodborstje weer richting zijn geboorteland. Deze vogel maakt plaats voor het Roodborstje wat het jaar daarvoor hier is geboren. Dus het hele jaar door zie je Roodborstjes in je tuin, maar het is niet altijd dezelfde vogel.

Roodborst
Fotograaf: Gejo Wassink

Herkenning

14 cm. Gemakkelijk te herkennen aan aardbruine bovendelen, witte buik en onderstaart, en oranje gezicht en borst die van bovendelen gescheiden zijn door grijze band. Oog groot en donker, opvallend in egaal oranje gezicht. Geslachten gelijk. Juveniel met oranjegele vlekken, als een juveniele lijster of nachtegaal. Opgerichte houding. Doorgaans niet schuw en makkelijk te benaderen. In de zomer wordt territorium verdedigd door paar, in de winter hebben individuele vogels een voedselterritorium, dat met grote agressie wordt verdedigd. In de winter wordt aanwezigheid van territorium aangegeven door luide zang, ook door vrouwtje.

Verspreiding

Verspreidingsgebied omvat Verenigd Koninkrijk, Europa, Scandinavië, Rusland, Midden-Oosten en Noord-Afrika. In Nederland zeer talrijke broedvogel, gedeeltelijk wegtrekkend, doortrekker en wintergast in zeer groot aantal.

Biotopen

Vochtige loofbossen met ondergroei. Vermijdt dicht bos, droog naaldbos en open gebieden als velden. Op trek ook in geïsoleerde bosjes en heggen in open gebieden.

Levenswijze

Voedsel
Ongewervelden, zaden en vruchten. Foerageert voornamelijk op de grond, pikt hierbij ook onstuimig in de grond om ondergrondse prooi op te sporen. Jaagt soms vanaf lage uitkijkpost.

Eieren
Aantal eieren in legsel meestal 5-6, soms 3-9. Buikig. Glad en niet glanzend. Wit of zeer lichtblauw getint. Bezet met spikkels en fijne vlekjes in nuances van roze-achtig-geelbruin tot lichtbruin, en soms licht purper en purperachtig-geelbruin. Tekening zeer schaars tot overvloedig; zo nu en dan fijn en de grondkleur geheel versluierend. Dikwijs een kap of krans van meer geconcentreerde tekens aan de stompe pool. Zelden daartoe beperkt, of geheel effen. Formaat 19,9 x 15,4 mm.

Geluid

Roep metalig 'tik tik', soms kort ratelend. Zang wordt gehele jaar gehoord, luid, melodieus en parelend, vanaf verheven zangpost, maar vogel zit zelden geheel open.

Laatste waarnemingen

Geluidsopnames

Foto's