Onderdeel van Pixfactory

Op werkdagen voor 15.00 besteld, morgen in huis

Korhoen

Lyrurus tetrix
Korhoenders in conflict mannetjes
Fotograaf: Luc Meert

Verspreiding

Vanaf 1996 komt er alleen nog een populatie Korhoenders voor op de Sallandse Heuvelrug in Overijssel. De vogels leven er vooral op de 700-1000 ha open heide temidden van bossen. De dichtstbijzijnde populatie, van gelijke omvang en eveneens geïsoleerd, bevindt zich in de Hoge Venen (België), hemelsbreed op 200 km. In Duitsland worden de eerste, versnipperde populaties aangetroffen rond de Lüneburger Heide, op nog grotere afstand. Uitwisseling met deze populaties is onmogelijk, aangezien Korhoenders nieuwe gebieden alleen binnen 30-35 km van de geboorteplaats koloniseren (Niewold 1990).

Nu en dan zijn er ook na 1996 nog elders Korhoenders waargenomen, maar hun verblijf was steeds van korte duur. Dit zijn vrijgelaten, gekweekte vogels, getuige hun ringen. Dergelijke vogels zijn bijvoorbeeld waargenomen rond de Cartierheide en de Regte Heide in Noord-Brabant. Korhoenders die rond de Sallandse Heuvelrug opduiken, zoals in het Wierdense Veld, de Lemelerberg en de Borkeld, betreffen vermoedelijk rondzwervende vogels van deze broedplaats.

Veranderingen

In 1976, toen een jaarlijkse, landelijke voorjaarsinventarisatie van baltsende hanen werd opgezet, bevond de soort zich al in een neerwaartse spiraal. Toch waren er toen rond de meeste heide- en hoogveengebieden nog Korhoenders aanwezig en werden er 456 hanen geteld in ca. 150 atlasblokken. De achteruitgang heeft zich sindsdien dramatisch doorgezet en het verspreidingsgebied is gekrompen tot in feite twee blokken.

Het Korhoen heeft zich in de afgelopen eeuwen in ons land als een ware cultuurvolger gemanifesteerd. Van oorsprong mogelijk een bewoner van de randen van open hoogvenen en beekdalen, kreeg de soort aanvankelijk de wind in de zeilen door de verdwijning van de bossen ten behoeve van de landbouw. Door groei van de bevolking, overexploitatie (jacht) en intensivering van het heidegebruik werden Korhoenders in de tweede helft van de 19e eeuw teruggedrongen tot het noordoosten van ons land. Toen aan het eind van die eeuw het landbouwsysteem door de komst van kunstmest veranderde, kon het Korhoen, als ware pionierssoort, het zich gunstig ontwikkelende landschap snel koloniseren. Bovendien werden predatoren, waaronder vossen, marters en roofvogels, door intensieve vervolging kort gehouden. Met uitzondering van de westelijke provincies werden destijds overal Korhoenders aangetroffen in open cultuurland aan de randen van resterende heiden, hoogvenen en beekdalen, soms in groten getale. Geleidelijk echter verdwenen in de 20e eeuw de gunstige leefomstandigheden, vooral door groei van de bevolking (verstoring, infrastructurele werken, bebouwing), het ouder worden van de bossen, toenemende ontginning van vochtige heiden en hoogvenen en kanalisering van beken. Vooral in de periode van grootschalige ruilverkavelingen kregen de steeds verder gefragmenteerde po­pu­laties het moeilijk en stierven ze één voor één uit. Nieuwbouw van boerderijen, schaalvergroting, overbemesting, ontwatering en verparking van het landschap deden de kansen voor het ruimte eisende Korhoen slinken. Toen ook de resterende heiden en hoogvenen verdroogd en vermest raakten en predatoren, waaronder vossen en Haviken toenamen, werden de overlevingskansen voor legsels en kuikens onvoldoende om de populaties in stand te houden (Niewold 1990, 1996). Deze ontwikkelingen deden en doen zich in heel West- en Midden-Europa voor, waardoor het karakteristieke ‘laaglandkorhoen’ op het punt van verdwijnen staat (Storch 2000).

Populaties kunnen behoorlijk fluctueren, waarbij weers­omstandigheden tijdens de winter, de nestperiode en de kuiken­opgroeifase een rol spelen (Loneux et al. 1998). Vooral het reproductiesucces (kuikenoverleving) is bepalend voor de jaarlijkse aantalsveranderingen (ten Den & Niewold 2000). Het is afwachten of onder de huidige omstandigheden het leefgebied op de Sallandse Heuvelrug voldoende kwaliteit en omvang heeft om de populatie op de korte termijn te redden. Voor de overlevingskansen op de lange termijn van de sterk geïsoleerde populaties op het vasteland van West-Europa moet, onder de huidige omstandigheden, worden gevreesd.

Aantallen

Op de Sallandse Heuvelrug is het areaal open heide, als leefgebied voor het Korhoen, de laatste jaren door kap van bos gefaseerd vergroot tot 1000 ha (Heringa 2000). In de atlasperiode 1998-2000 werden er resp. 22, 23 en 15 hanen geteld, en in het voorjaar van 2001 14; het aantal hennen was vermoedelijk iets groter. De ingezette beheersmaatregelen hebben dus (nog) niet geleid tot een populatiegroei. Dit was ook niet meteen te verwachten, omdat de na het kappen ontstane kruidenvegetaties niet onmiddellijk geschikt zijn om te broeden (ten Den & Niewold 2000).

Laatste waarnemingen

Foto's