Dwaalgasten gaat over de onrust en verlangen, over mooie moment en het gevoel
van gemis bij het kijken naar vogels. In 70 korte verhalen laat auteur Gerard
Ouweneel allerlei herkenbare anekdotes en verrassende observaties passeren. Hij
beschrijft treffend de overwegingen die gepaard gaan bij elke vogeltocht. Of de
alertheid en onrust bij het in de gaten houden van de tuin. Zijn kenmerkende
archaïsche schrijfstijl, droge humor en origineel gekozen woorden maken het tot een
vermakelijk boek.
Gerard Ouweneel (1937) is publicist en vogelbeschermer. Hij zat in de redactie van
en schreef artikelen voor verschillende vogeltijdschriften. En hij schreef de
boeken Voor vogels de wereld rond (2011), Een aangename onrust (2015) en De
wilde eend (2021) .
Brileider
De omslagillustratie van Elwin van der Kolk vertelt gelijk een heel verhaal. We zien
de brileider van Texel zijn vleugels slaan terwijl drommen vogelaars en
nieuwsgierigen op de dijk bij de IJzeren Kaap staan. Vele vogelaars zullen dit beeld
herkennen.
Ouweneel beschrijft dat de melding van deze onwaarschijnlijke arctische
zeldzaamheid ook bij hem ‘mentaal de vlam in de pan deed slaan’. ‘Alleen al diens
wonderbaarlijke uitmonstering’ maakt het tot een fascinerende vogel. Ouweneel
maakt een plan en reist af naar Texel. Aangekomen bij de dijk treft hij vele
‘buitenzinnige brileider-bewonderaars’. Hij geniet uitgebreid van de vogel en van de
gesprekken met medevogelaars. Toch bekruipt hem op de terugweg een gevoel te
snel bij deze bijzondere soort te zijn vertrokken.
Vermakelijke tuin
De korte verhalen van Ouweneel zijn treffend geschreven en herkenbaar voor wie
eropuit trekt of in eigen tuin vogels observeert. Hij schrijft met enige zelfspot over de
aandacht die veel vaker op de tuin gericht is dan op het gezelschap in huis. Zo vertelt
hij over de ontdekking van een appelvink in eigen tuin, net als hij op punt staat naar
een symposium te gaan. Het blijft de hele dag knagen.
Lachstern, morinelplevier en smelleken
De basis van Ouweneels vogelaarsbestaan is gelegd in zijn tienerjaren, struinend
over de opspuitterreinen langs de IJsselmonding of op vogeleiland De Beer. Hij zocht
met vogelvrienden naar bijzondere soorten zoals lachstern, morinelplevier en
smelleken. Hij herinnert zich, als een ‘pallieter’, zorgeloos en genietend rond te
struinen in de natuur. Zijn favoriete gebieden die hij met vogelvrienden bezocht
werden al snel omgevormd tot geïndustrialiseerd gebied, en niet veel later verdween
ook De Beer. Daar ontstond het indringende besef dat vogels moesten worden
beschermd.
Teloorgang
Noodgedwongen moest hij uitwijken naar andere gebieden, die in de loop der jaren
verschraalden. Waarnemingen van onder andere smellekens worden schaars.
Terugblikkend beseft Ouweneel wat verloren is gegaan: ‘De landbouwpolders in mijn
woonstreek zijn tegenwoordig het jaarrond nagenoeg vogelloos.’ In zijn kenmerkende
stijl schrijft hij scherp over de pogingen iets te doen aan de teloorgang. ‘Ja, er zijn wel
fraai bebloemde akkerranden in kakelbonte Keukenhofkleuren, maar dat nepdecor
trekt niet onze insecten en dus geen prooivogeltjes.’
Op pad
Om een van zijn favoriete vogels te gaan zoeken trekt hij er vaak op uit in goed
gezelschap. Dat loopt niet altijd vlekkeloos. Zoals bij de herhaalde tochten naar de
lachstern. ‘Geen lachstern. Wel nijlganzen en Canada’s, exoten die ons niet op het
puntje van de stoel vermochten te brengen.’ Als de wensvogel dan toch wordt
gevonden, probeert hij alles in zich op te nemen en ‘groeit het dierbare netvlies-
album in omvang.’
Vogelaars
Veel verhalen geven een bijzonder inkijkje in zijn eigen leven als vogelaar. Treffend
zijn de verhalen over andere vogelaars. Prachtig en raak is ook zijn verhaal over Rob
Bijlsma, een ode aan die ‘originele denker’, ‘begenadigd schrijver’ en ‘boegbeeld en
voorbeeld voor vele, vele mensen die veldwerk verrichten’. Voor diens zeventigste
verjaardag bezoekt een kleine delegatie hem om een liber amicorum te
overhandigen.
Ook schrijft hij met enig ontzag over dorpsgenoot Karin van den Berg, die dankzij
haar werk als postbode en haar haarscherpe blik vaak als eerste begerenswaardige
soorten in Maasdam ontdekt. Ze is dus een belangrijke bron van nieuws.
Verlangen
De korte verhalen in Dwaalgasten zijn herkenbaar voor wie wel eens in eigen tuin
vogels observeert of eropuit trekt om een bijzondere of zeldzame vogel te zien. De
schitterende omslagillustratie en de rake potloodschetsen zijn van Elwin van der
Kolk. Ouweneel schrijft zeer treffend en met vermakelijke mijmeringen over wat
vogels kijken zo mooi maakt. ‘En dan is er het pallieter-zijn, het pure genieten van
vrijheid om buiten te verkeren met fijne vogels, die voor velen het symbool zijn van
ongebondenheid.’
Gerard Ouweneel. Dwaalgasten. Verhalen over vogels en mensen. Uitgeverij
Liverse, Dordrecht, 2026. 436 blz. € 25,00.













