Al jaren kom ik met veel plezier naar Zweden. Het land beviel zo goed, dat we er afgelopen augustus naar emigreerden. Een nieuw land betekent alles opnieuw ontdekken, van winkel tot het openen van een bankrekening, maar ook het vogelleven.
Ik woon in Midden-Zweden, in een eindeloos groot bos. De verhuiswagen was nog maar amper uitgepakt of de eerste voedersilo’s hingen al in de tuin. Dit om maar zoveel mogelijk vogels aan ons plekje te binden. Met succes, want het aantal vogels (zowel het aantal exemplaren als het aantal soorten) schoot omhoog. Niet dat het meteen barst van de zeldzaamheden. Vooral de aantallen vallen op. Op een goede dag kunnen er wel 40 koolmezen tegelijk aanwezig zijn en lijkt een struik zelfs in de winter gele blaadjes te hebben. Tussen de koolmezen zitten ook enkele pimpelmezen en zwarte mezen. Andere vaste gasten zijn boomklever (Scandinavische ondersoort), grote bonte specht en gaai. Vanuit de bomen klinken onophoudelijk goudvink, taigaboomkruiper, staartmees en goudhaan. ’s Nachts is de bosuil een vaste bezoeker. De auerhoen is dan weer mijn vaste buurman die een klein stukje verderop in het bos woont.
Grote meren
Naast bos zijn er in de omgeving ook veel meren. Het is opvallend hoe weinig vogelleven er te vinden is, maar de wel aanwezige soorten zijn direct spectaculair.
Heerst er voldoende rust en is er een eilandje aanwezig, dan is de kans groot dat er een visarend broedt. Ze bouwen hun enorme nest bovenin de bomen. Met hun scherpe oog ontgaat ze niets. Hebben ze wat lekkers gespot, dan duiken ze met gemiddeld 70 kilometer per uur vanaf een hoogte van zo’n 25 meter naar beneden. Het is niet alleen een prachtig gezicht, maar ook fantastisch om te fotograferen. Ik doe dat met de snelle FUJIFILM X-H2S (de ‘S’ staat voor speed) in combinatie met XF100-400 of de XF150-600. Zo kan ik snel in- en uitzoomen als de situatie daarom vraagt. In de grootste meren heeft de visarend gezelschap van de zeearend, die vaak achter de visarenden aan gaan om de vis te jatten.
Ook heb je er kans op roodkeel- en parelduiker. De roodkeelduiker houdt zich op in wat kleinere, ondiepe meren, terwijl de parelduiker de voorkeur heeft voor groot en diep water. In combinatie met hun schuwheid maakt dat je ze vaak op grote afstand ziet.
Tot slot mogen de wilde zwanen niet onvermeld blijven. Ze broeden in lastig te bereiken venige plekken, maar zoeken daarbuiten ook de meren en landbouwgebieden op.
Veenbewoner
Waar de kraanvogel in Nederland een schaarse broedvogel en vooral doortrekker is, broeden ze in Zweden juist massaal. Net als de zwanen doen ze dat in rustige venen. Zijn de jongen groot genoeg, dan struinen ze het agrarisch land af op zoek naar voedsel. Het zijn ontzettend schuwe vogels die zich het best vanuit de auto laten bekijken en fotograferen. In de late zomer verzamelen ze zich in steeds grotere groepen. Van de een op andere dag is het dan stil in de Zweedse natuur en is het wachten tot ze in de lente terugkeren.
Volgers van grote roofdieren
Zweden heeft de grootste populatie van wolven, beren en lynxen van Europa. Deze dieren leven teruggetrokken in de rustigste wouden, al hoor ik vanuit huis regelmatig de wolven huilen en ontdekte ik recent de sporen van een lynx op korte afstand van het huis. Waar grote roofdieren leven, worden deze gevolgd door raven. Zij snoepen graag van de restjes die de roofdieren achterlaten. Het zijn by far de slimste vogels van het bos, waardoor ze jou -ook in een schuiltent- altijd in de gaten hebben.
Onregelmatige bezoeker
De uilen volgen vooral dan weer de stand van de uilen. Ronduit spectaculair is de laplanduil, de op een na grootste uil van Zweden. Ondanks zijn enorme afmetingen valt de vogel totaal niet op. Hij heeft immers hetzelfde patroon als dat van een sparrenstam. Zonder lokale hulp vind je ze echt niet. Dat ze niet altijd in Midden-Zweden zitten, helpt daar niet bij (het is een noordelijkere soort). Schuw zijn ze totaal niet, waardoor je zonder camouflage kunt werken aan een gevarieerde serie.
Stadsmus
Nog een laatste opvallende kennismaking met het vogelleven hier: de stadsmus is hier de stadskauw. Net zo brutaal begeven ze zich onder de mensen, in de hoop op wat gemorste etensresten.
Het is nu nog winter, maar ik kijk uit wat er in de lente allemaal te ontdekken valt!















Eén reactie
ja Bob, een welkome aanvulling voor het magazine, je kunt andere en weer andere variaties van vogels laten zien dan de vogels die wij hebben. en al jouw artikelen geven mij iedere keer een heerlijk gevoel , een deja vue gevoel.